De luren uit de Bronstijd.

De eerste luren werden ontdekt tijdens het jaar 1797 in het Bradevaelte veen in Noord-Zeeland (Denemarken). Het was niet geweten hoe oud deze instrumenten waren, noch was hun belang geweten voor de geschiedenis van de blaasinstrumenten. Duidelijk werd het wel direct dat deze uit een oude vervlogen tijd afstamden. Het duurde alvast een eeuw vooraleer de Deense luren nauwkeurig onderzocht werden. Dit onderzoek, als gevolg van een reeks nieuwe vondsten in o.a. Denemarken, Noorwegen, Zweden, Duitsland,..., evolueerde uiteindelijk tot het startschot voor de studie van de luren uit het bronzen tijdperk. Plaatsen waar luren gevonden zijn.

Een volledig lurenpaar bestaat uit twee instrumenten op elkaar afgestemd. Deze hebben dezelfde grootte, structuur, decoratie en ongeveer een gelijke toonhoogte. Het enige verschil is dat de buizen in tegenovergestelde richting van elkaar gebogen zijn. Verder zijn ze voorzien van een „mondbuis“ met mondstuk, en de „hoofdbuis“ met versieringsplaat.

Er zijn twee manieren waarop de dunne gegoten buizen met elkaar verbonden zijn:

* De eenvoudigste wijze is die van de duurzame voeg waarbij de delen verbonden worden met een brede dikke boord, gegoten over de samengevoegde delen; een primitieve manier van lassen dus.

* De tweede wijze is die waarbij met behulp van een groef, sleuf of haak de buizen samengebracht worden. De delen worden dan vast verbonden door middel van een tap, die door twee overeenliggende gaten in de wand van de buizen geslagen wordt.

Over het gietproces van de dunne (0,5-1mm) buizen zal ik geen uitgebreide technische uiteenzetting doen. Theoretisch gezien is dit geen moeilijk verstaanbaar proces, maar om dit in praktijk om te zetten is iets helemaal anders. Er zijn onnoemelijk veel details die in acht moeten genomen worden om het gietstuk in perfecte staat te krijgen. Veelal mislukt het gieten, en vele jaren ervaring zijn nodig om de redenen van mislukking te ontdekken. Nog moeilijker, de eigenlijke kunst, bestaat erin deze mislukkingen te corrigeren en deze te bemeesteren. De specialisten van die tijd vervaardigden bronzen voorwerpen zonder de hulp van wetenschappelijk onderzoek en moderne, hoogtechnologische machines. We kunnen alleen maar het vernuft en de kennis van deze meesters respecteren, die er meestal in slaagden om met primitieve middelen, waardevolle schatten te vervaardigen. Met een waardige blik staan we dan ook in de vele musea deze opgegraven voorwerpen te bewonderen! Een niet te vergeten feit!

De betekenis van het woord luðr (lur), die in het Oud-Noors verschillende betekenissen heeft, toont aan dat de luðr niet overeenkomt met de bronzen blaasinstrumenten. De meest voor de handliggende verklaring van luðr is naar alle waarschijnlijkheid houten blaasinstrument, verwijzend naar een rechte conische buis. Een naam die nog altijd gebruikt wordt bij de herders in Noorwegen, Zweden en Finland. Een meer gekende versie dichter bij huis is alvast de Midwinterhoorn, een typisch cultisch instrument die tijdens de Joelperiode geblazen wordt. Verder hebben we nog houten blaasinstrumenten zoals bijvoorbeeld de Alphoorn of de Westerburger hoorn die heden ten dage nog altijd gebruikt worden. Al deze instrumenten hebben geen mondstuk. De lippen worden dus direct tegen de buis geplaatst. De tonen zijn min of meer harmonieus, natuurlijk en zeer krachtig!

Wanneer de eerste bronzen luren (we behouden de oorspronkelijke naamgeving) werden gevonden, kregen die dus meteen de naam lur toegekend. Dit is dezelfde naam die in de oude sagen (o.a. Saxo Grammaticus: „De geschiedenis van Denemarken“) vernoemd werd, de oorlogshoornen die het begin van de strijd inleidden. Een wat ongelukkige naam blijkt dus. Er is namelijk nergens een beschrijving hierover te vinden hoe deze, in de sagen besproken luren, eruit zouden gezien hebben. Dat een lurenpaar als oorlogshoornen zouden gebruikt zijn lijkt dus eerder uitgesloten. Dit blijkt niet alleen uit de betekenis van het woord luðr; dit werd ook duidelijk naar gelang meer nieuwe grafvondsten werden ontdekt. De bronzen instrumenten kregen een nieuwe betekenis. Deze dierbare kunstwerken werden in het veen geofferd en bijna altijd gevonden nabij cultische offerplaatsen, duidend op een gave aan de Goden. Het veen was trouwens een uitstekende conserveringsplaats. In enkele uitzonderlijke gevallen werd het kostbare materiaal soms gewoon bewaard of zelfs ruilbetaling was een mogelijke denkpiste. Wat ook meteen opvalt is dat de luren nogal moeilijk te bespelen zijn wanneer de blazer in beweging is, iets wat in krijgsomstandigheden duidelijk geen voordeel is.

Afb. 1: Tanum (Bohuslän / Zweden)            Afb. 2: Kiviksgraf / Koningsgraf ( Skåne / Zweden)

Er bestaat geen twijfel over het feit dat de luren deel uitmaakten van een cultus. Voorbeelden zoals de rotstekeningen in Bohuslän (Afb. 1) en het Kiviksgraf (Afb. 2) zijn hierover zeer duidelijk. De beste, en meteen laatste rustplaats voor cultische voorwerpen die niet langer gebruikt werden, was waar de vieringen plaatsvonden. Ze deden dan ook nooit dienst als dagelijkse gebruiksvoorwerpen. De zoektocht voor de archeologen werd er iets gemakkelijker op en er werden op deze manier talloze gouden voorwerpen, helmen, schilden, wapens en andere belangrijke voorwerpen gevonden.

Een merkwaardig fenomeen is dat de luren plotseling opdoken, zonder enige historische verwijzing naar hun ontwikkeling of herkomst. De bronzen luren zijn de enige muziekinstrumenten van die tijd. Opvallend is dat de luren bijna altijd paarsgewijs gevonden werden. Misschien schuilt hierachter een diepere betekenis. Onze voorvaderen beschouwden dag en nacht, zomer en winter, licht en duisternis als twee delen van één geheel, van één kring. In Kopenhagen staan op een zuil voor het stadshuis twee lurenblazers. Volgens de traditie wordt jaarlijks nog altijd het nieuwe jaar door een paar blazers levende lurenblazers ingeluid. Het oude jaar wordt afgesloten en de terugkeer van de zon wordt terug verwelkomd!

Kenny